Berichten

 

 


17/09/2018      

Schets voor duurzame landbouw in 2040: meer mens, minder machine

De Nederlandse landbouw van nu is verre van duurzaam. Sterker nog, die is volgens Meino Smit nog nooit zo weinig duurzaam geweest als nu. Voor een echt duurzame landbouw zijn radicale maatregelen nodig. Smit schetst in zijn proefschrift het beeld van zo’n landbouw waar niet de machine, maar de mens voorop staat. Smit is dinsdag 11 september aan de Wageningen Universiteit op zijn proefschrift gepromoveerd.

Smit laat in het proefschrift de ontwikkeling van de voetafdruk van de landbouw zien in de periode 1950-2015. Daarbij zoomt hij in op het directe en indirecte gebruik van energie, land en arbeid. Indirect gebruik duidt hier op middelen die nodig zijn om de primaire landbouw mogelijk te maken. Het directe landgebruik voor de Nederlandse landbouw is sinds 1950 met ongeveer 20% afgenomen tot 1,8 miljoen hectare. Maar daar staat een toename tegenover van het indirecte gebruik van grond elders in Nederland of de wereld van bijna 3 miljoen hectare.

Door mechanisatie en schaalvergroting werkt nu nog maar 20% van het aantal mensen in de landbouw vergeleken met 1950. De indirecte arbeid is daarentegen meer dan verdubbeld en is groter dan de directe arbeid. De grond brengt wel meer op in kilo product en calorische waarde, maar daarvoor is zes keer zoveel input van energie nodig dan vroeger.

Smit schetste een toekomstbeeld van een duurzame landbouw in 2040. Een landbouw die voldoet aan de klimaatdoelstelling van het akkoord van Parijs. Voor grootschalige im- en export is dan geen plek meer, de Nederlandse landbouw produceert alleen nog maar voor de eigen bevolking. Die bevolking moet de helft minder vlees eten. De intensieve veehouderij verdwijnt. Vijf keer meer mensen dan nu werken op het land. En dan vooral met op handkracht gebaseerde machines. Grondstoffen worden zoveel mogelijk hergebruikt.

Het proefschrift van Smit De duurzaamheid van de Nederlandse landbouw, 1950-2015-2040 is te vinden op de site van Wageningen Universiteit.

bron: Resource – Wageningen UR, 14/09/18

. . . . . . . . . . . . .
~~OOOOOOOOOOOOOO~~
. . . . . . . . . . . .
14/09/2018
Industrie in Noord-Brabant moet zuiniger met grondwater omgaan

Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant hebben op 27 augustus nieuwe uitvoeringsregels vastgesteld, gericht op het beperken van groei van de grondwateronttrekkingen. Met alle grote grondwateronttrekkers worden afspraken gemaakt om laagwaardig gebruik van grondwater zoveel mogelijk te beperken. De drinkwaterbedrijven onttrekken 90%, de industrie 10% van al het diepe grondwater dat in Brabant wordt gebruikt.

Er moet zuiniger worden omgesprongen met de diepe grondwatervoorraad in Brabant. Dat is de kern van het nieuwe grondwaterbeleid dat de provincie momenteel bespreekt met alle Brabantse bedrijven die grondwater onttrekken. Dat zijn de drinkwaterbedrijven Brabant Water en Evides en 40 industriële bedrijven, waaronder bier- en frisdrankproducenten. Het watergebruik door consumenten en de watervraag voor bier- en frisdrankindustrie nemen toe. In de droge maanden juli en augustus van dit jaar was het drinkwaterverbruik 35 tot 40% hoger dan normaal. Veranderingen in de landbouw en de recente droogteperiode hebben ook geleid tot een grotere behoefte aan beregening. Beregening vindt overigens plaats uit ondiep grondwater.

Alle onttrekkingen samen, in combinatie met de droogte, zorgen ervoor dat de omvang van de diepe grondwatervoorraad in Noord-Brabant onder druk staat. Voor de drinkwatervoorziening is dat geen probleem, maar wel voor kwetsbare natuurgebieden en behoud van grondwatervoorraad voor de toekomst. Temeer omdat de verwachting is dat langere periodes van droogte in de toekomst vaker zullen voorkomen. Daarom worden met alle grote grondwateronttrekkers afspraken gemaakt om laagwaardig gebruik van grondwater zoveel mogelijk te beperken. Met de waterschappen, de provincie Limburg en de Duitse deelstaat Nordrhein-Westfalen worden afspraken gemaakt om de diepe grondwateraanvulling te verbeteren. Verder neemt de provincie samen met de waterschappen maatregelen om het (regen)water langer vast te houden en het grondwatersysteem te voeden.

bron: Provincie Noord-Brabant, 13/09/18

. . . . . . . . . . . . .
~~OOOOOOOOOOOOOO~~
. . . . . . . . . . . . 
UU.nl / Agenda / Een waterkrachtcentrale diep in de Limburgse bodem voorkomt een black-out als alle windmolens stilstaan
Agenda: 20 september 2018 van 12:45 tot 13:30   

Promotie Jan Huynen

Een waterkrachtcentrale diep in de Limburgse bodem voorkomt een black-out als alle windmolens stilstaan

In het recente energie-akkoord is besloten tot een sterke groei van windenergie en zonne-energie. In zijn proefschrift maakt Jan Huynen duidelijk dat er geen geschikte technieken zijn om voldoende elektriciteit op te slaan voor wanneer het niet waait en de zon niet schijnt. Zolang die er niet zijn, kan Nederland niet van het gas af en zullen op windloze dagen de oude, vervuilende elektriciteitscentrales moeten blijven draaien. Huynen stelt voor om een energiebuffer aan te leggen diep in de Limburgse bodem. Hij heeft daarvoor een gedetailleerd bouwplan gemaakt. De bouw van zo´n buffer zou een snelle groei van wind- en zonne-energie mogelijk maken.

De energiebuffer maakt gebruik van waterkracht. De bodem onder Limburg is stevig genoeg om een ondergronds waterreservoir aan te leggen op 1,4 km diepte in een homogene laag hardsteen. Bovengronds wordt dan een klein meer (50 ha) aangelegd als tweede reservoir. Het plan is om het water te laten circuleren tussen die twee reservoirs. Is er energie nodig, dan laat je het water uit het bovengrondse meer via een generator naar de diepte lopen. Is er elektriciteit teveel (bijvoorbeeld als het ´s nachts hard waait), dan pomp je het weer omhoog, terug in het meertje.

De bouw van deze energiebuffer kost 1,8 miljard euro en duurt 6 jaar. Een kostenbatenanalyse laat zien dat het plan ook financieel aantrekkelijk is. Jan Huynen (1932) heeft met zijn bedrijf dertig jaar aan dit plan gewerkt.

UU.nl / Agenda 28 augustus 2018

. . . . . . . . . . . . .
~~OOOOOOOOOOOOOO~~
. . . . . . . . . . . .

Nieuw: groentenbrood     

Het wordt gemaakt met 100% natuurlijke ingrediënten. Een nieuw brood bestaande uit enkel plantaardig meel, waardoor het van nature glutenvrij is, vol groenten, voedzaam en heerlijk. Het biedt een langverwacht basisproduct dat laag aan koolhydraten is en veel proteïnen bevat.
Echtpaar Jon en Kelly Barfoot bedacht het in 2017. Groentenbrood werd gemaakt als gezond en lekker item voor hun wekelijkse bezorgdienst. Ze zagen een piek in de vraag naar het brood en met de veranderende Britse wens voor broodalternatieven dachten ze hun groentenbrood verder uit.
Nu meer mensen bewust op zoek zijn naar gezondere en ambachtelijke voeding vult het groentenbrood een gat in de markt.
Het veelzijdige brood is prima geschikt voor mensen die milieubewust kopen. Door de plantaardige ingrediënten is het brood vrij van dierlijke producten. En dat niet alleen, de overgebleven schillen worden gebruikt om energie mee op te wekken.

Publicatiedatum: 28-8-2018

 

. . . . . . . . . . . . .
~~OOOOOOOOOOOOOO~~
. . . . . . . . . . . .

Hoe gaan we van fossiele brandstoffen naar biobased grondstoffen?

De fossiele grondstoffen die in de energie- en chemiesector gebruikt worden moeten deels worden vervangen door biomassa. Daar zijn innovaties voor nodig. Zoals het vliegen op aardappelschillen, maar ook op het gebied van chemische recycling.

15-08-2018 11:32 | Door: Joyce de Thouars

Bedrijven en kennisinstellingen die bezig zijn met innovaties op het gebied van biobased grondstoffen komen mogelijk in aanmerking voor subsidie. De tender Biobased Economy, Groen Gas en Recycling (BBEGR) ondersteunt namelijk innovaties die nodig zijn voor de omschakeling naar biobased grondstoffen. Maar er is ook geld beschikbaar voor innovaties die chemische recycling concurrerend maken.

Biobased grondstoffen en processen

De BBEGR-tender richt zich op innovaties, waarbij chemische- of biotechnologische processen worden gebruikt om biomassa in biobrandstoffen, chemicaliën of andere materialen te converteren. De potentiële afzetmarkt en de mate waarin nieuwe biobased processen minder energie kosten dan vergelijkbare fossiele varianten spelen mee bij de toekenning van subsidie.

De luchtvaart is een van de sectoren die ontwikkelingen op het gebied van biobrandstof nauw volgt. In een interview met Trouw vertelde Inka Pieter, verantwoordelijkheid voor duurzaamheid bij KLM, onlangs dat de voorraad biobrandstof voor de luchtvaart nog klein is omdat het voor een raffinaderij makkelijker en goedkoper is om biobrandstof te produceren voor het wegverkeer. Maar om ook de luchtvaartsector te verduurzamen moet het aandeel van biobrandstof in het totaal aantal verbruikte liters kerosine omhoog.

Onderzoek naar biobrandstoffen

RVO wijst op laboratorium-onderzoek dat de mogelijkheden aantoonde om van aardappelschillen vliegtuigbrandstof te maken. Een onderzoekconsortium gebruikt de BBEGR-regeling om nu ook de economische en technologische haalbaarheid op grotere schaal te onderzoeken.

Meer lezen over wat je uit aardappelschillen kan halen? Lees het volgende artikel over verduurzaming van de voedselketen:

Projecten voor de chemische recycling van kunststoffen zijn een nieuw onderdeel van de BBEGR-tender. De aanwezigheid van bijvoorbeeld lijmresten, kleurstoffen of coatings maken het namelijk lastig om kunststoffen te recyclen. Volgens RVO bewijst Ioniqa dat er een markt is voor technieken in chemische recycling. De Eindhovense start-up, die met een depolymerisatie-techniek de oneindige recycling van PET-plastic mogelijk maakt, opent in 2019 een grote fabriekslocatie.

Projectvoorstellen kunnen tot en met 18 september bij het RVO worden ingediend. In totaal is er ruim € 6 mln aan subsidiebudget beschikbaar.

 

. . . . . . . . . . . . .
~~OOOOOOOOOOOOOO~~
. . . . . . . . . . . .

Biogas uit afvalfruit

  30 jul 2018

Bananenmerk Chiquita wil in 2020 geen fruit meer verspillen. Naast een biovergister die biogas en kunstmest maakt van afvalfruit, hergebruikt het bedrijf alle onderdelen van de bananenplant. Zo wordt er bananenpuree of meel gemaakt van afgedankte bananen en beschermen bladeren de bodem tegen onkruid op de plantages.

Jaarlijks voldoet vijf tot 20 procent van de bananen niet aan kwaliteitseisen voor de export terwijl ze nog wel eetbaar zijn. Om het fruit niet onnodig weg te gooien, worden de bananen in de herkomstlanden verkocht of gedoneerd aan een goed doel. Bananen die er niet meer goed genoeg uitzien om te verkopen, worden verwerkt tot bananenpuree en -meel of gedoneerd aan boeren die het gebruiken als veevoer.

Biovergister

De Chiquita-fabriek in Costa Rica, waar de bananenpuree wordt gemaakt, heeft een biovergister die organisch afval omzet in biogas en kunstmest. De gewonnen energie wordt gebruikt voor de fabriek en lokale boeren gebruiken het kunstmest. De biovergister filtert ook het water voor het bedrijf en de lokale gemeenschap. De hoeveelheid biogas is voldoende om de eerder gebruikte LPG te vervangen.

Ook niet eetbare onderdelen van de bananenplant worden hergebruikt. Bladeren, stronken en stam worden op de plantages achtergelaten om de bodem te beschermen tegen uitdrogen en onkruid.

Vernieuwde plantages in Costa Rica en Panama hebben minder dan 5 procent plantenafval, terwijl oude plantages zo’n 15 procent afval produceren. Inmiddels is 39 procent van de grond vernieuwd, het doel is in 2020 een percentage van 76 procent te bereiken.

 

. . . . . . . . . . . . .
~~OOOOOOOOOOOOOO~~
. . . . . . . . . . . .

‘EU moet gerecycled materiaal in nieuwe plastic producten verplichten’

30-07-2018 08:45 | Door: Joyce de Thouars

Europese brancheorganisaties en bedrijven riepen deze maand EU-regulatoren op om een minimum gebruik van gerecycled materiaal in nieuwe kunststof producten te verplichten. Een dergelijke maatregel zou de recyclingindustrie de boost geven die het nodig heeft om de circulaire economie tot een succes te maken.

Klik hier om verder te lezen

 

. . . . . . . . . . . . .
~~OOOOOOOOOOOOOO~~
. . . . . . . . . . . .

 

     Wetenschap

‘Laat oude olie- en gasplatforms staan’

 Omwille van de biodiversiteit in de Noordzee zouden oude olie- en gasplatforms niet zomaar afgebroken moeten worden. Dat is de conclusie van een internationale enquête onder experts, waaronder Han Lindeboom, emeritus hoogleraar marine ecologie aan de Wageningen Universiteit. ‘De poten van de platformen zijn prachtig begroeid, het is duidelijk een verrijking en het is goed voor het milieu.’ In Mexico gebeurd dit al.

‘Het is een verrijking voor de biodiversiteit’

 

Booreiland Neddrill 4 in de Noordzee toen deze nog in gebruik was.
Booreiland Neddrill 4 in de Noordzee toen deze nog in gebruik was.Foto: ANP

 

. . . . . . . . . . . . .
~~OOOOOOOOOOOOOO~~
. . . . . . . . . . . .

 

 

'Plasticverbod scheelt fabrikanten hooguit paar procent winst'

‘Plasticverbod scheelt fabrikanten hooguit paar procent winst’

Gepubliceerd: 28 juni 2018 13:25                 

Strengere wereldwijde regelgeving die het gebruik van wegwerpplastic moet tegengaan, heeft slechts een beperkte invloed op de resultaten van bedrijven in de plasticbranche.
Chemie- en oliebedrijven zullen in het uiterste geval hooguit enkele procenten minder winst maken, voorspelt kredietbeoordelaar Fitch in een donderdag verschenen rapport.
Fitch onderzocht wat een breed, wereldwijd plasticverbod zou betekenen voor bedrijven, maar verwacht dat het zo’n vaart niet zal lopen.
Een geleidelijke uitbanning over een langere termijn ligt veel meer voor de hand. Dat geeft bedrijven de gelegenheid op de verandering in te spelen en hun groei elders te zoeken.
Rietjes
Onlangs kondigde de Europese Commissie nog maatregelen aan tegen onder meer rietjes. McDonald’s liet weten in het Verenigd Koninkrijk ook te stoppen met rietjes en in Nederland wordt nog gekeken naar alternatieven.
Ook bedrijven als Starbucks en IKEA zijn bezig met vermindering van het gebruik van plastic bekertjes en roerstaafjes.
Shell
Plastic bestaat voor het grootste deel uit aardolie. Nederland heeft in Shell een belangrijke speler bij de winning daarvan en bij de raffinage van aardolie. Ook heeft Nederland een grote chemiesector.
Wereldwijd wordt door meerdere partijen gekeken naar alternatieve, minder vervuilende manieren om plastic te maken. Zoals plastic uit plantaardig materiaal vervaardigen.
Door: ANP

 . . . . . . . . . . . . .

~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . .

 

27/06/2018

Bezorgkosten en zorgen over versheid grootste struikelbloken bij online boodschappen

Online boodschappen doen wordt populairder, maar blijft achter bij andere retail segmenten. “Dit verschil kan worden verklaard doordat veel consumenten er moeite mee hebben dat ze de producten niet kunnen controleren op kwaliteit en versheid”, zegt Jos Eeland, senior directeur bij Simon-Kucher & Partners. “Daarnaast weerhoudt het veel mensen dat er een levertijd is om online boodschappen te doen en het minimum bestelbedrag hoog ligt.”

Van de online boodschappen worden producten van de bakkerij en de groenteafdeling dan ook het minst vaak online gekocht, terwijl niet-bederfelijke levensmiddelen het vaakst online gekocht worden. De belangrijkste reden voor consumenten om te overwegen om wel online boodschappen te doen is gratis levering van de producten met geen minimale bestelwaarde. Om consumenten te verleiden om een keer online boodschappen te doen is korting op de eerste bestelling ook een belangrijke motivatie.

Tien procent van de consumenten zegt nu gebruik te maken van de bezorgdienst van een supermarkt, terwijl 7% ervoor kiest om de boodschappen zelf af te halen. Verder worden traditionele supermarkten door 86% van de consumenten genoemd als plek waar zij wel eens boodschappen doen. Discounters, de markt en gemakswinkels worden door respectievelijk 54%, 16% en 12% genoemd. Twee procent van de respondenten doet wel eens boodschappen in een pure online winkel als Picnic.

bron: Emerce, 25/06/18 / RetaillNews, 26/06/18

. . . . . . . . . . . Kopen doe je dus toch echt het beste in Bommels veste en in onze rijk voorziene Bommelerwaard. . . . . .  

( . . . . . T-Town Zaltbommel en omgeving !)
klik hieronder:

DE LIJST T-Town ZB versie_26 juni 2018 PDF

 . . . . . . . . . . . . .

~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . .

 

Foto: 123RF

Kabinet wil 200.000 forensen uit de auto en op de fiets krijgen

Gepubliceerd: 12 juni 2018   

Staatssecretaris Stientje van Veldhoven (Infrastructuur en Waterstaat) wil de komende kabinetsperiode 200.000 forensen uit de auto op de fiets krijgen. Ze wil dat de regio flink gaat bijdragen aan de plannen, schrijft ze aan de Tweede Kamer.

Ze wil hierover ook afspraken gaan maken met werkgevers. De staatssecretaris wil bijvoorbeeld kijken hoe fiscale regelingen ingezet kunnen worden om het fietsgebruik in het woon-werkverkeer te stimuleren.

In het regeerakkoord is 100 miljoen euro vrijgemaakt voor fietsroutes en stallingen bij stations. Van Veldhoven wil het geld inzetten op projecten die snel realiseerbaar zijn.

Ze wil ”dat de regio stevig bijdraagt aan de fietsstimulering”. De bewindsvrouw wil maximaal 40 procent van de projectkosten voor haar rekening nemen. Ze verwacht dat in totaal 250 miljoen in de fiets wordt geïnvesteerd.

 

 

 . . . . . . . . . . . . .

~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . .

Prijs van ’smerige’ steenkool piekt

DoorTheo Besteman    

Europese energiecentrales willen massaal van de steenkool af. Maar de prijs van de vervuilende brandstof stijgt de laatste maanden desondanks sterk.

Sluiting van kolenmijnen stuwt prijzen bij een oplevende vraag.
Ⓒ Bloomberg  /  Sluiting van kolenmijnen stuwt prijzen bij een oplevende vraag.

Australische kolen, de graadmeter voor deze sector, was in zes jaar niet zo duur. Een hittegolf in China zorgt voor extra behoefte aan energie. Maar ook elders in Azië steeg de vraag, terwijl de aanvoer van kolen in Nederlandse havens in 2017 met bijna 7% daalde, zo meldt het CBS woensdag, het derde krimpjaar op rij. Vanaf de bodem in 2016 hebben leveranciers op een ton kolen inmiddels 130% verdiend, aldus ING Research.

Europese kolenproducenten lijden ogenschijnlijk onder het klimaatakkoord van Parijs. De ondertekenaars kozen voor drastische afbouw van de CO2-uitstoot, waarbij kolencentrales in de voorhoede zitten. Pensioenfondsen stapten in Europa uit beleggingen in steenkoolverwerkers. Ook verdwenen investeringen in nieuwe mijnen. Banken en investeerders haakten eveneens af.

Maar totdat wind- en zonne-energie dezelfde felle hitte kunnen leveren, blijft er behoefte aan kolen. De brokken vervullen wereldwijd nog 40% van de energiebehoefte, aldus ING.

Vermogensbeheerder Schroders becijfert een daling van de steenkoolwinning met 3% per jaar als niet extra wordt geïnvesteerd. De waarde van de kolensector kan volgens Andrew Howard, hoofd onderzoek duurzaamheid, dankzij de ’opdoekers’ en de sterke vraag nu ’verdubbelen’.

 

 . . . . . . . . . . . . .

~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . .

 

 

‘Leg zonnepanelen eerst op daken en dan pas op de grond’

Op steeds meer plekken worden zonneparken gebouwd, op weilanden, braakliggend terrein of akkerbouwgrond. Voor boeren kunnen de panelen een nieuwe inkomstenbron betekenen. Toch leiden ze tot discussie, omdat tegelijkertijd grote daken van bedrijven of scholen leeg blijven en die daken verder nergens voor kunnen worden gebruikt.

“Als je het bij elkaar optelt, kun je nog voor tientallen gigawatts op dat soort daken plaatsen”, zegt Jaap Baarsma van branche-organisatie Holland Solar. De organisatie heeft in kaart gebracht waarom daken vaak leeg blijven. Een reden is dat overheden er te weinig beleid voor hebben gemaakt. “Ze zouden doelen kunnen stellen voor het percentage panelen op daken”, zegt Baarsma.

Een andere reden is dat bedrijven hun bedrijfsruimte vaak huren. “Dan krijg je dat de eigenaar zou moeten investeren, terwijl de voordelen voor de stroomrekening bij de gebruiker terechtkomen. Daar moet je dan ingewikkelde gesprekken over voeren.”

Hoeveel zonneparken zijn er?

Hoewel zekerheid over het aantal zonneparken ontbreekt, zijn er sinds 2014 volgens de RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) in ieder geval 26 gebouwd. Maar dat aantal groeit snel. Er is inmiddels aan nog eens 150 parken subsidie toegezegd en een onbekend aantal zit nog in de procedure om een vergunning te krijgen.

Ook op daken van scholen is nog veel meer mogelijk, zegt Roebyem Anders van de Stichting Schooldakrevolutie. Er zijn in Nederland ruim 7500 schooldaken, vaak platte daken. Daar passen gemiddeld zo’n 250 zonnepanelen op. “Dus in totaal kunnen we daar ongeveer 2 miljoen zonnepanelen op kwijt.”

Anders legt in de video hieronder uit hoe dat geregeld zou moeten worden:

Bekijk

Video zonneparken

 

Maar daar zit natuurlijk een prijskaartje aan. Gemiddeld gaat het volgens Anders om een investering van 60.000 euro, die een school in tien jaar tijd terugverdient. Veel scholen hebben dat geld niet op de plank liggen.

“Scholen krijgen wel jaarlijks budgetten voor onderhoud en onderwijsdoelen. Het is heel begrijpelijk dat ze die niet aan investeringen voor duurzaamheid besteden. Vaak is het schoolgebouw ook nog eigendom van de gemeente”, zegt Anders.

Cruciale boodschap

Toch zou het goed zijn als gemeenten hier aandacht aan gaan besteden, vindt ze. Het is een hele logische eerste stap, als je als gemeente wilt verduurzamen.

“Vooral omdat er niet alleen schone stroom wordt opgewekt en je zelf energie bespaart, maar ook omdat je kinderen van jongs af aan een cruciale boodschap meegeeft. Namelijk dat je eigen schone stroom opwekken en een duurzaam leven de normaalste zaak van de wereld is.”

 

 . . . . . . . . . . . . .
~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . .

 

 

   

16/05/2018

‘Miljarden omzet weggelekt bij grote voedingsmerken’

De glorietijd van de grote consumentenmerken is voorbij. Uit een analyse van de jaarcijfers van consumentenconcerns door het Financieele Dagblad blijkt dat de grote merken er al 5 jaar steeds slechter in slagen om de omzet op eigen kracht te laten groeien. Tientallen miljarden aan omzet is de afgelopen 5 jaar bij bedrijven als Unilever, Nestlé en Procter & Gamble weggelekt en bij kleine merken terechtgekomen.

De veranderingen hebben onder andere te maken met gewijzigde consumentenvoorkeuren. Grote merken zijn niet per definitie meer favoriet. Mensen in veel landen keren zich af van globalisering en ontwikkelen een voorkeur voor lokale en kleinschalige productie.

Daarnaast is het tegenwoordig veel eenvoudiger om merken in de markt te zetten. Voorheen had een nieuwkomer veel geld nodig om de productie en distributie op te zetten. Nu niet meer. Nieuwe merken kunnen de productie uitbesteden, bijvoorbeeld bij huismerkfabrikanten. Via sociale media kunnen kleine spelers met een bescheiden budget ook veel consumenten bereiken. Verder zijn ze niet meer afhankelijk van de grote winkelketens, maar kunnen ze hun producten ook aanbieden bij speciaalzaken en webshops.

bron: Financieele Dagblad, 16/05/18

 

 . . . . . . . . . . . . .
~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . .

 

Melk gaat straks direct van erf naar winkel

Leesduur: +/- 3 min.

De melkveehouder levert straks de melk – vers gemolken en direct op eigen erf verpakt – rechtstreeks aan de winkel in de buurt. Lely, fabrikant van melkrobots, test hiervoor een installatie die aan de melkrobot kan worden gekoppeld.

De innovatie komt naar verwachting dit jaar op de markt. Een Nederlandse supermarktorganisatie is geïnteresseerd in het concept. Dit maakte het bedrijf onlangs bekend tijdens de Lely Future Farm Days.

Het is een van de visies op de toekomst die het bedrijf onlangs deelde tijdens haar 70-jarig bestaan. Lely presenteerde tijdens de Lely Future Farm Days de verwachtingen van een duurzaam, volledig geautomatiseerd melkveebedrijf.

Melkveehouderijen kunnen met robotmelken met de Lely Astronaut specifieke melksoorten scheiden met behulp van de speciale processing unit. Lely test momenteel een dergelijke unit met melk die op eigen erf wordt verwerkt. De melk, die een eigen smaak en versheid heeft en direct is te traceren naar de koe, kan rechtstreeks vanuit de robot worden gepasteuriseerd en verpakt en worden uitgeleverd voor lokale consumptie.

Lely, dat vorig jaar een omzet van € 506 miljoen behaalde, zag in 2017 in de segmenten melkrobots en farm management een groei van 12 procent. De onderneming gaat zich meer richten op robotica en data in zuivel zoals het ontwikkelen van melkrobots en innovaties op het melkveebedrijf.

Ook DDH naar koespecifieke melk

Ook Direct Dairy Holding (DDH) concentreert zich op melk direct van eigen erf. De start-up ontwikkelt een automatische lijn die melk direct uit de melkrobot pasteuriseert, in stazakken verpakt en naar een koeling vervoert voor uitlevering voor verkoop.

Iedere verpakking bevat de melk van een enkele koe ofwel koespecifieke melk. De informatie over de koe die de melk leverde is voor de eindconsument op zijn smartphone te traceren via het nummer op de verpakking. De verwerkingslijn wordt in eerste instantie ingericht voor volle melk, maar kan ook andere zuivelproducten produceren.

DDH, opgericht met Russische ondernemers, wil het systeem samen met Nederlandse melkveehouderijen in gebruik nemen en demonstreren aan andere melkveehouders. Direct verpakte koespecifieke zuivel biedt voor melkveehouders een mogelijkheid om melk tot meerwaarde te brengen. Het bedrijf wil de komende jaren ook uitbreiden naar melkveehouderijen elders in Europa en naar bedrijven in de Verenigde Staten.

Yoghurt van Margriet 53: micro dairy

Koespecifiek is ook de volvette standyoghurt van de melk van blaarkopkoe Margriet 53 van biologische boerderij Buitenverwachting. Het product werd eind vorig jaar verkozen tot het beste streekproduct van het Groene Hart. Marrit Schakel van de boerderij, die de yoghurt produceert en in de boerderijwinkel verkoopt, denkt dat het product won omdat duidelijk is dat het uit een korte keten komt. “Iedere koe van onze boerderij – er zijn er vijftig – wordt apart gemolken en geeft melk met een eigen vet- en eiwitgehalte. Het product is dus telkens uniek en plaatsgebonden”.

De winnende koespecifieke yoghurt komt van één koe en heeft een duidelijke herkomst. Marrit: ”De consument koopt de yoghurt in onze boerderijwinkel en kan de koe in de wei zien. Ik noem dit kleinschalig zuivelproduct micro dairy”.

 

 . . . . . . . . . . . . .
~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . .

 

Duurzaam en gezond

Samen naar een houdbaar voedselsysteem

Aanleiding en adviesvraag

De klimaatopgave leidt op lange termijn onvermijdelijk tot minder productieruimte voor de veehouderij en tot verandering van ons menu. Het kabinet zou met nieuw voedselbeleid op deze omslag moeten anticiperen om de negatieve gevolgen ervan zo klein mogelijk te maken en de kansen – die er ook zijn – zo veel mogelijk te benutten. Dat concludeert de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur in zijn advies  ‘Duurzaam en gezond’, dat  is aangeboden aan minister Schouten (LNV) en staatssecretaris Blokhuis (VWS).

Foto van verschillende groenten
Foto: EyeEm Hollandse Hoogte

Centraal in dit advies staat de vraag wat er moet gebeuren om de transitie naar een duurzaam en gezond voedselsysteem te versnellen. De raad spitst zich in dit advies toe op dierlijke producten, omdat de productie en consumptie daarvan een belangrijke rol spelen in het klimaatprobleem en in vraagstukken rond volksgezondheid en milieu.

Aanbevelingen

De Rli doet in dit advies drie aanbevelingen:

Geef duidelijkheid over de ruimte voor de veehouderij in de toekomst

Bied vanwege de nationale klimaatopgave zo spoedig mogelijk duidelijkheid over de ruimte voor productie in de veehouderij in 2030 en 2050. Vertaal deze ruimte in een systeem van in de tijd afnemende, verhandelbare emissierechten.

Ga als rijksoverheid in gesprek met provincies over een effectieve inzet van instrumenten en middelen om in gebieden met een hoge concentratie aan dieren de overblijvende milieu- en gezondheidsproblemen regionaal op te lossen.

Werk toe naar duurzame consumptiepatronen

Stel als doel dat het aandeel dierlijke eiwitten in het eetpatroon in 2030 is gedaald naar 40% van de totale eiwitconsumptie. Een duurzaam en gezond eetpatroon houdt in dat er meer plantaardige en minder dierlijke eiwitten worden gegeten.

Benut ketenpartijen bij verduurzamen van productie en consumptie

Werk samen met de ketenpartijen aan de ondersteuning van een duurzamere en gezonde productie en consumptie en de ontwikkeling van de markt voor plantaardige eiwitproducten.

De noodzakelijke omslag in het Nederlandse voedselsysteem is te vergelijken met de manier waarop in de naoorlogse jaren de voedselzekerheid in het nationale en Europese landbouwbeleid is gewaarborgd. Dat heeft geleid tot de toonaangevende positie van de Nederlandse agrarische sector. De verduurzaming van het voedselsysteem waar we nu voor staan biedt een uitgelezen kans om boer, voedsel­verwerkende industrie, retail en consumenten op een vergelijkbare wijze te verenigen in een op duurzaam en gezond voedsel gerichte coalitie.

Publicatie

Op 3 april is het advies ‘Duurzaam en Gezond – Samen naar een houdbaar voedselsysteem’ in ontvangst genomen door minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en staatssecretaris Blokhuis van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Het advies is tevens aangeboden aan minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat, minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, staatssecretaris Van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat, en de voorzitters van Eerste en Tweede Kamer.

Meer informatie

Voor meer informatie over dit advies kunt u contact opnemen met Hannah Koutstaal, projectleider, hannah.koutstaal@rli.nl (link sends e-mail)

 

 . . . . . . . . . . . . .
~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . .

 

 

Geschreven door: Heleen Ekker   redacteur Binnenland          
woensdag 28 maart 2018

De traditionele cv-ketel om je huis mee te verwarmen gaat verdwijnen. Tenminste als het aan energiebedrijven, milieuorganisaties en de installatiebranche ligt. Ze willen dat woningeigenaren vanaf 2021 hun cv alleen nog kunnen vervangen door een (hybride) warmtepomp of een andere duurzame manier van verwarming. Voorlichtingsorganisatie Milieu Centraal is positief over warmtepompen, maar waarschuwt ook.

Een manifest waarin de coalitie van bedrijven en organisaties hun oproep doen, wordt vanmiddag aangeboden aan Diederik Samsom, die betrokken is bij de totstandkoming van het nieuwe Nationaal Energieakkoord. De opstellers, waaronder Greenpeace, Milieudefensie, Eneco en Essent, denken dat de ouderwetse cv niet meer afdoende is, als we de doelstellingen van het klimaatakkoord van Parijs willen halen en de gaswinning in Groningen verder naar beneden gaat.

Volgens voorzitter Doekle Terpstra van Uneto-Vni (de installatiebranche) zullen het klimaat en ‘Groningen’ onvermijdelijk leiden tot nieuwe rendementseisen aan cv-ketels. Maar deze installaties, die volledig op aardgas werken, kunnen niet aan die hogere eisen voldoen, denkt hij. Op dit moment heeft 95 procent van de Nederlandse huizen nog een traditionele cv-ketel.

Duurder

Het meest gebruikte alternatief voor een cv-ketel in een huis is op dit moment een (hybride) warmtepomp. Zo’n warmtepomp is nog (veel) duurder dan een cv. Daarom pleiten de bedrijven en organisaties voor een systeem waarbij je per woning een vast bedrag per maand betaalt voor de installaties die voor warmte en stroom zorgen. Als je je huis verkoopt, neemt de volgende eigenaar het servicecontract over. Dat wordt ook wel gebouw-gebonden financiering genoemd.

Met een volledige warmtepomp gebruik je geen aardgas meer. De warmte wordt elektrisch opgewekt, waardoor de CO2-uitstoot van je huis daalt met gemiddeld 50 tot 60 procent. Er bestaat subsidie voor.

Een andere optie is de zogenoemde hybride warmtepomp. Die wordt naast je cv geplaatst en is goedkoper dan een volledige warmtepomp. De hybride pomp, een soort omgekeerde koelkastmotor, doet het meeste werk. De cv-ketel gaat alleen aan als het erg koud is, en zorgt voor warm water in je keuken en douche. Met een hybride pomp daalt je CO2-uitstoot ongeveer 35 procent.

Tussenstap

Milieu Centraal denkt dat de hybride warmtepomp voor veel mensen een goed alternatief kan zijn, maar waarschuwt ook: “Bij een slecht geïsoleerd huis is een (hybride) warmtepomp een slecht idee”, zegt Puk van Meegeren van Milieu Centraal. “De warmte vliegt gewoon de deur uit en het huis is niet warm genoeg te krijgen. Ook de radiatoren moeten er geschikt voor zijn.”

Een hybride warmtepomp is bovendien een tussenstap. Uiteindelijk moet Nederland helemaal van het gas af. Dus zul je de jaren na aanschaf moeten gebruiken om nog een switch te maken naar helemaal gasloos. Milieu Centraal heeft alle informatie over alternatieven voor aardgas op een rijtje gezet, inclusief kosten en subsidiemogelijkheden.

Het grote probleem bij warmtepompen is de aanschafprijs. Anders dan bij zonnepanelen heb je zo’n pomp niet snel terugverdiend. In het beste geval heb je op het eind van de levensduur deze duurzame warmte voor hetzelfde geld als bij je traditionele cv. Je verdient er dus niet op, zoals bij zonnepanelen wel het geval is.

Bij een hybride warmtepomp, waarbij je nog voor een deel gas gebruikt, ben je wel goedkoper uit dan met alleen aardgas. Want je verdient hem in 10 jaar terug, terwijl de levensduur 15 jaar is. En je CO2-uitstoot gaat flink naar beneden.

Kosten hybride warmtepomp, gemiddeld:

aanschaf: 4.000 euro

subsidie: 1.500 – 1.800 euro

beparing per jaar: 240 euro. Dit is bij een gemiddeld gasverbruik in een matig geïsoleerd huis.

(Bron: Milieu Centraal)

“Ons belangrijkste advies is verder dat je nooit stap 1 moet overslaan: kijken naar je isolatie. Als ergens isolatie ontbreekt, is isoleren voor besparing van CO2 én geld de slimste stap. Doe dus eerst een isolatiecheck, breng vervolgens de isolatie aan en ga als derde stap pas denken over een warmtepomp.”

Puk van Meegeren van Milieu Centraal heeft sinds een jaar zelf een hybride warmtepomp in zijn huis. Hij heeft gemerkt dat hij toch nog wat moet doen aan z’n radiatoren, om de warmtepomp beter te benutten en de gasketel minder hoeft te branden. Hij bespaart een paar tientjes aan energiekosten per jaar, maar heeft dan ook een lager energieverbruik dan gemiddeld. Tegelijk stoot hij minder CO2 uit.

 . . . . . . . . . . . . .
~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . . .

 

Afbeeldingsresultaat voor logo Deloitte        13 maart 2018

Zonnepanelen kunnen de helft van de Nederlandse elektriciteitsbehoefte opwekken

Zelfs in het lang niet altijd zonnige Nederland heeft zonne-energie veel potentie. Als er op elk daarvoor geschikt dak zonnepanelen zouden worden gelegd, kunnen deze voorzien in bijna de helft van de huidige Nederlandse elektriciteitsvraag. Dat blijkt uit een data-analyse die onderdeel is van Deloitte’s State of the State-programma.

Klik hier om verder te lezen
 . . . . . . . . . . . . .
~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . . .

De gasloze kassen komen er aan

Planten kunnen niet zonder koolstofdioxide en warmte. Toch kunnen kassen op termijn prima zonder gas. Tijdens een bijeenkomst van de Greenport Aalsmeer werd het haarfijn uitgelegd.

Gasleiding naar kas
De CO2 die bijvoorbeeld bij afvalverbranding vrijkomt, kan naar de kas worden geleid. Dit geldt ook voor restwarmte van de industrie en waar mogelijk van warmte uit de grond. Wil je als tuinder afscheid nemen van je gasleverancier, dan moet je bedrijf aangesloten zijn op netwerken die die warmte en CO2 leveren. Zowel de tuinders als de industrie staan daarvoor in de startblokken. Maar voor het realiseren van dergelijke netwerken, is wel steun vanuit de (rijks)overheid nodig.

Om de CO2 in de kassen te krijgen, zijn bronnen nodig die hun CO2 kunnen leveren en een leidingsnetwerk om de CO2 bij de bedrijven te krijgen. In de Haarlemmermeer, in het PrimA4a-gebied tussen de Westeinderplassen en de A4, gaat OCAP in de loop van 2018 de basisleiding aanleggen. De kassen in PrimA4a kunnen dan vanaf 2019 CO2 van Shell Pernis en bio-ethanolproducent Alco gebruiken. De bedoeling is dat op afzienbare termijn rest-CO2 van (bijvoorbeeld) afvalverwerker AEB (Amsterdam) beschikbaar komt. Om dat te realiseren werken OCAP, LTO Glaskracht Nederland, Greenport Aalsmeer, de gemeente Haarlemmermeer en de provincie Noord-Holland nauw samen.

Om de kassen, vooral ’s winters, te verwarmen kan in veel gebieden in Nederland geothermie (aardwarmte) gebruikt worden. Met deze techniek wordt de natuurlijke warmte van diep gelegen aardlagen aangeboord. In GreenPort Noord-Holland Noord wordt hiervan op Agriport A7 en bij Floricultura in Heemskerk al gebruik gemaakt. Of dit ook in de Greenport Aalsmeer op grote schaal mogelijk is, wil de provincie Noord-Holland nog verder onderzoeken.

CO2-afvang en duurzame warmte zijn weliswaar voor het aardgasverbruik en de CO2-uitstoot zeer gunstig, ze vergen in eerste instantie wel enorme investeringen. Gedeputeerde Economische Zaken Jaap Bond van de provincie Noord-Holland: “Wil je de tuinbouwsector echt helpen verduurzamen, dan moet je als overheid zorgen dat deze technieken binnen bereik van de ondernemers komen. Als alle tuinders overschakelen op duurzame energiebronnen, kan bovendien de gaskraan in Groningen een flink stuk dichtgedraaid worden.”

Bron: Greenport Noord-Holland Noord

Publicatiedatum: 20-2-2018

. . . . . . . . . . . . .

~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . . .

“Warmtekracht kan kerncentrales vervangen”

IB – Bron: Belga

 De sector van de warmtekrachtkoppeling schat dat er tegen 2025, wanneer volgens de huidige wetgeving de laatste kerncentrale de deuren moet sluiten, duizend megawatt aan vermogen kan bijkomen. Dat is het equivalent van een grote kerncentrale. © Bart Leye

De sector van de warmtekrachtkoppeling mengt zich in het debat over het Energiepact. “Zo krijgen we de puzzel van de duurzame energie gelegd”, klinkt het vandaag in De Standaard.

Warmtekrachtkoppeling of WKK-centrales draaien ook op brandstoffen, maar ze  recupereren de warmte die daarbij vrijkomt voor de verwarming van pakweg tuinbouwserres, industriële processen of ziekenhuizen. Daardoor verbruiken ze 20 tot 30 procent minder.

De overgang naar een energiebevoorrading zonder kernenergie zou zo vergemakkelijkt kunnen worden

De organisatie schat dat er tegen 2025, wanneer volgens de huidige wetgeving de laatste kerncentrale de deuren moet sluiten, 1.000 megawatt aan vermogen kan bijkomen. Dat is het equivalent van een grote kerncentrale.  “De WKK-technologie vindt steeds meer haar weg naar kmo’s en gezinnen”, zegt directeur Senne Gabriels van Cogen Vlaanderen in de krant.

De sector denkt met de nieuwe groei de overgang naar een energiebevoorrading zonder kernenergie makkelijker te kunnen maken. Volgens een studie van netbeheerder Elia zouden er acht tot negen gascentrales bij moeten komen tegen 2025 om het wegvallen van kernenergie op te vangen. Door het gebruik van warmtekrachtkoppeling zouden het er hooguit zeven moeten zijn.

. . . . . . . . . . . . .

~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . . .

     17 januari 2018

Zweeds architectenbureau Plantagon ontwerpt kantoorgebouw met stadsboerderij

Schuin geplaatst glas aan de kant van de gewassen, recht geplaatst glas aan de kant van de kantoren Illustratie | Plantagon

The World Food Building wordt momenteel gebouwd in de Zweedse stad Linköping en zou in 2020 klaar moeten zijn. Architectenbureau Plantagon ontwierp het 60 meter hoge kantoorgebouw dat tegelijk ook een verticaal akker is. De kantoren, verdeeld over 17 verdiepingen, zullen aan de noordkant van het gebouw liggen, zodat de gewassen aan de zuidkant zo veel mogelijk zon krijgt via schuin geplaatst glas.

In de serres zal voedsel geproduceerd worden met hydrocultuurtechnologie, een techniek waarbij de gewassen worden ondergedompeld in nutriëntrijk water. Deze techniek is tegenwoordig erg populair onder de stadslandbouwexperts omdat er maar weinig land nodig is om het proces te doen slagen.

Zo weinig mogelijk hulpbronnen

Plantagon noemt zijn aanpak “agritechtuur”, een mengwoord dat de termen agricultuur, technologie en architectuur omvat. Hun doel is om zo veel mogelijk voedsel te produceren op een zo klein mogelijke ecologische voetafdruk en door zo weinig mogelijk water en andere bronnen te gebruiken, maar toch de hoogste kwaliteit te waarborgen. Het gebouw wordt verwarmd via een nabije afvalverbranding- en biogasinstallatie. Deze installaties voorzien ook brandstof voor voedselproductie.

Symbiotisch voedselproductiesysteem

Plantagon zegt dat ze symbiotische oplossingen gebruiken om grote, industriële voedselproductiesystemen te ontwikkelen. Deze systemen kunnen op hun beurt overtollige warmte, biomassa en zelfs koolstofdioxide omzetten in kwalitatieve eigenschappen voor lokale voedselproductie.

Bronnen recycleren die normaalgezien als afval beschouwd worden, is volgens Plantagon de sleutel tot het succes van stadslandbouw in de toekomst.

. . . . . . . . . . . . .

~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . . .

 

Zo duurzaam zijn die windmolens niet

Groen           Frank Straver

De snelle groei van het aantal windmolenparken gaat soms ten koste van mens en milieu. © ANP

Windturbines maken vergt veel metalen en mineralen. Het delven daarvan schaadt mens en milieu. Tijd voor een ‘faire’ molen, vindt ook de windsector zelf.

Ze staan er om het klimaat te redden door groene stroomproductie. Toch zijn windturbines niet volledig duurzaam te noemen. De snelle groei van het aantal windmolenparken gaat soms ten koste van mens en milieu, stelt de duurzame ontwikkelingsorganisatie ActionAid in een nieuwe studie. Voor de productie van windmolens zijn allerlei metalen en (soms schaarse) mineralen nodig. Mijnbouwbedrijven winnen die, hoofdzakelijk in Azië, Zuid-Amerika en Afrika. Dat gaat gepaard met ‘milieuschade en mensenrechtenschendingen’, concludeert de Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (Somo), die de studie voor ActionAid uitvoerde.

Somo noemt gevallen van kinderarbeid in Congo bij winning van kobalt, behalve voor windmolens ook voor elektrische auto-accu’s een veelgevraagde grondstof. Intensieve mijnbouwactiviteiten schaden de natuur. Zo leidt koperwinning in Zambia tot watervervuiling. Regels en lokale controle ontbreken. Het is echt niet zo, weet ActionAid, dat mijnen alleen maar metalen en mineralen winnen voor de windmolenindustrie. Dat is slechts een van de afnemers. Maar de snel groeiende sector is wel een steeds prominentere klant. De bouw van windmolens moet wereldwijd toenemen, volgens het klimaatakkoord van Parijs. Ook in Nederland. De komende jaren worden er vijf grote nieuwe windmolenparken in zee gebouwd. Dat is, wat het kabinet betreft, de opmaat naar veel meer.

Het gebrek aan aandacht voor duurzame ingrediënten van windmolens is ‘een blinde vlek’

Uitstekend, zegt adviseur Maria van der Heide van ActionAid, al die extra groene energie. “Maar waarborg dan wel dat de windmolens gemaakt zijn van eerlijke materialen.” Zeker bij windmolens, toch een paradepaardje van de groene industrie, zou dat zo moeten zijn. Moderne turbines zijn steeds groter, waardoor de afname van grondstoffen groeit. Verder maken ze vaak gebruik van een magnetisch systeem, waarvoor het moeilijk winbare aardmetaal neodymium nodig is.

‘Blinde vlek’

‘Een blinde vlek’, zo noemt Somo het gebrek aan aandacht voor duurzame ingrediënten van windmolens. In Nederland, maar ook in andere landen. Bedrijven, zoals de grootste turbinefabrikanten Siemens en Vestas, leggen er geen adequate verslaggeving over af. De overheid stelt ook geen groene eisen aan de molens bij subsidies en vergunningen. De Nederlandse sector is zelf wel aan het denken geslagen, op verzoek van het ministerie van buitenlandse zaken. Volgende week is er een denksessie van de duurzame energiebranche, over de gevolgen van schone energie op het gebied van milieu en mensenrechten.

De wind­mo­len­in­du­strie is slechts een van de afnemers van metalen, maar wel een steeds prominentere klant

De brancheorganisatie Nederlandse WindEnergie Associatie (NWEA) is mede-initiatiefnemer. Die club wil overleg over de risico’s, en welke verantwoordelijkheden windparkbouwers hebben. “We kunnen ijzer en mineralen nu niet gegarandeerd duurzaam inkopen op de wereldmarkt”, zegt een woordvoerder. “Goed zicht op de oorsprong ontbreekt.” Volgens ActionAid kan de Nederlandse overheid ook helpen bij het uitsluiten van misstanden. Van der Heide oppert dat de overheid ‘eerlijk gewonnen mineralen’ verplicht kan stellen.

Lokale controle op mijnbouwbedrijven blijft ook nodig. Je kunt als afnemer wel protocollen en eisen opstellen, leerde de discussie over ‘bloedsteenkolen’ en ‘fout goud’, maar dat lost mogelijke misstanden lokaal niet plotsklaps op. De internationale windmolensector maakt zelf al plannen om de meest omstreden grondstoffen te vervangen door een verantwoord alternatief. Turbinebouwers kunnen neodymium uit oude mobieltjes gaan hergebruiken, hoopt NWEA.

Lees ook:

In ‘Onderstroom’ is te zien hoe het plan voor een windmolenpark het Friese dorpje Pingjum op zijn kop zette. Een gelaagd verhaal, dat behalve over windturbines gaat over geld, macht en democratie.

. . . . . . . . . . . . .

~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . . .

Energieopslag en Duurzame Energie vormt trend voor 2018

donderdag 4 jan 2018                                  

duurzame energie & energieopslag

Energieopslag en Duurzame Energie vormt trend voor 2018

De energietransitie is in volle gang. Logisch, gezien de strakke Europese doelstellingen die we in 2050 moeten behalen. De bouw- en vastgoedsector moet zorgen voor 20 procent minder energieverbruik. Daarnaast moet 20 procent van het totale energieverbruik afkomstig zijn uit hernieuwbare energie, zoals wind- en zonne-energie.

BENG-eisen gaan van kracht op 1 januari 2021 en zorgen voor een eerste impuls richting een vastgoedvoorraad die gebruikmaakt van duurzame energieopwekking. Diverse initiatieven zorgen in Nederland voor enerzijds een stimulans van de plaatsing van zonnepanelen op particuliere woningen, anderzijds voor het gezamenlijk opzetten van windparken en decentrale energieopwekking.

Naarmate leefomgevingen meer gebruik maken van Smart Grids, wordt de inrichting van het elektriciteitsnetwerk belangrijker. Een veelgehoord kritiekpunt op het all-electric maken van woningen is de piekbelasting en de afwezigheid van energieopwekking in de grauwe en donkere  winterdagen.

Om die reden krijgt energieopslag een belangrijk onderdeel binnen dit thema. Kansen rondom het werken met batterijen en het uitwisselen van energie met auto’s worden langzaam zichtbaar voor partijen die zich bezighouden met verduurzaming van de gebouwde omgeving.

Lees meer over Energieopslag en Duurzame Energie

. . . . . . . . . . . . .

~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . . .

Chocolade bedreigd door klimaatopwarming

Archiefbeeld.
Thinkstock Archiefbeeld.
Wetenschappers voorspellen dat er over 40 jaar geen chocolade meer zal zijn, omdat cacaoplanten het moeilijk hebben door de klimaatopwarming. Als er geen stappen ondernomen worden, zal de klimaatopwarming fatale gevolgen hebben voor de plant en bijgevolg dus ook voor de chocolade-industrie.

Cacaoplanten groeien enkel ter hoogte van de evenaar onder erg specifieke omstandigheden, zoals een hoge vochtigheidsgraad en overvloedige regenval. Volgens de US National Oceanic and Atmospheric Administration zal de temperatuur de komende 30 jaar echter 2,1 graden stijgen. Hierdoor zullen de cacaoplantages naar hogere gebieden verplaatst moeten worden, waar het kouder is.

In die hogere gebieden leven echter een heleboel wilde dieren. Landen zoals Ivoorkust en Ghana, die verantwoordelijk zijn voor meer dan de helft van de wereldwijde chocoladeproductie, staan dus voor een dilemma: gaan ze voor het behoud van de cacaoplant of voor het behoud van de wilde dieren?

286 chocoladerepen per jaar

Volgens een onderzoek genaamd ‘The destruction by chocolate’ eet de gemiddelde westerse consument zo’n 286 chocoladerepen per jaar. In België ligt dat gemiddelde zelfs nog iets hoger. Om 286 repen te maken, zijn tien cacaoplanten nodig. Daaruit wordt dan cacao en cacaoboter ontgonnen, twee hoofdingrediënten van chocolade.

Doug Hawkins, een van de onderzoekers, stelt dat het tekort aan cacao de komende jaren dus al kan oplopen tot 100.000 ton, omdat de cacaolandbouw hopeloos verouderd is. „In tegenstelling tot heel wat andere landbouwtakken heeft de cacaoteelt niet kunnen profiteren van nieuwe technieken. Meer dan 90 procent van de globale productie is nog steeds in handen van kleine boeren die met verouderd materiaal werken”, zegt hij.

. . . . . . . . . . . . .

~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . . .

‘Regeling zonnepanelen niet versoberen’

Een monteur van zonnepanelen aan het werk ANP

Twintig maatschappelijke organisaties en brancheorganisaties roepen minister Wiebes van Klimaat op om de huidige regeling voor zonnepanelen niet te versoberen. Zonnepaneel-eigenaren krijgen nu nog een gunstige vergoeding voor de stroom die zij zelf niet gebruiken en aan het net leveren. De regering wil die vergoeding verlagen omdat de regeling door het eigen succes te duur wordt.

Bijna een half miljoen huishoudens in Nederland hebben zonnepanelen. Als de zon schijnt en het huishouden op dat moment minder stroom nodig heeft, wordt er geleverd aan het elektriciteitsnet. Voor die geleverde stroom krijgt de eigenaar even veel vergoed als hij zelf moet betalen als hij op een ander moment stroom afneemt. Met deze salderingsregeling kunnen eigenaren hun investering binnen acht jaar terugverdienen, stellen de twintig organisaties.

Nu de regering een versobering heeft aangekondigd, zakt de omzet in zonnepanelen in, zeggen de organisaties. “De verkoop van zonnepanelen was booming”, zegt Dick Reijman van UNETO-VNI, de brancheorganisatie voor installatiebedrijven. “De opgewekte energie groeit met 90 procent per jaar. Nu de regering de salderingsregeling wil afschaffen, is bij de bedrijven duidelijk voelbaar dat het minder hard loopt.”

Versobering

De regering wil de salderingsregeling mogelijk per 2020 versoberen. Een huishouden zou dan bijvoorbeeld minder vergoed krijgen per kilowattuur. Dan duurt het dus langer voor de investering is terugverdiend.

Volgens de twintig organisaties is dat kortzichtig. “Tegenover de lagere inkomsten aan energiebelasting staan duizenden banen, die de schatkist juist meer inkomsten opleveren uit btw, loonbelasting en winstbelasting”, schrijven de organisaties in een brief aan de minister. De brief is onder meer ondertekend door de Consumentenbond, de vereniging van woningcorporaties Aedes en Milieudefensie.

Efficiënter

Het gaat volgens het kabinet niet alleen om de kosten. De huidige regeling stimuleert particulieren om meer energie op te wekken dan noodzakelijk en dat kan ook leiden tot problemen met het elektriciteitsnetwerk. Daar zou dan flink in geïnvesteerd moeten worden om meer elektriciteit aan te kunnen. Bovendien stimuleert het niet de creatie van opslagmogelijkheden van elektriciteit, dat zou veel efficiënter zijn. De Tweede Kamer behandelt morgen de begroting van Economische Zaken en Klimaat.

. . . . . . . . . . . . .

~~OOOOOOOOOOOOOO~~

11-10-2017 15:59 | Door: Rianne Lachmeijer                                                                      

Dat meldt Werner & Mertz in een persbericht.

In 2050 zit er meer plastic in de oceaan dan vis. Daarom willen Unilever, Mars, M&S, PepsiCo, The Coca-Cola Company, en Werner & Mertz ervoor zorgen dat zij voor 2025 over zijn op 100 procent herbruikbare, recycleerbare en composteerbare plastic verpakkingen.

In het Catalysing Action rapport heeft New Plastics Economy Intiative een actieplan opgesteld om het aantal plastic deeltjes te verminderen. Volgens het rapport kan momenteel 20 procent van het plastic hergebruikt worden en 50 procent op een rendabele manier worden gerecycleerd.

Het New Plastics Economy initiative spoort de hele industrie aan om het voorbeeld van deze zes multinationals te volgen. “Dit soort initiatieven zijn essentieel voor de transitie naar een plastic-economie waar plastic niet langer afval is,” zegt New Plastics Economy initiative op de website.

Bron: Werner & Mertz | Afbeelding: Shutterstock.com

. . . . . . . . . . . . .

~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . . .

 

 

 

‘Onzichtbare’ zonnedakpan maakt monumenten duurzaam Duurzaam zonnedak

03-10-2016 14:50 | Door: Fitria Jelyta           

Met de zonnedakpannen zegt Zep elk dak geschikt te kunnen maken voor het opwekken van groene stroom. Het bedrijf verwerkt bijna onzichtbare zonnecellen in dakpannen. Hierdoor wordt het mogelijk om de esthetische eigenschappen van gebouwen te behouden. Het zonnedaksysteem is inmiddels toegepast op de Priesnitzhoeve in de Gelderse plaats Rheden.

Duurzame monumenten

Volgens Zep kunnen gebouweigenaren vaak geen zonnepanelen installeren op beeldbepalende panden of monumenten, omdat dit wordt verboden door welstands- en monumentencommissies. De zonnedakpan van Zep is echter wel goedgekeurd in onder meer Groningen, Rheden, Montfoort, Haarlem en Woerden. De producent verwacht dat het zonnedaksysteem overal in Nederland wordt toegestaan.

Zonnedakpan Zep

Meer zonnedaken

Daarnaast produceren de zonnedakpannen meer elektriciteit dan traditionele zonnepanelen, stelt Zep. “Een gemiddeld dak met 45 vierkante meter aan zonnepannen levert 4.500 kilowatt stroom per jaar”, zegt Joost de Graaf van Zep, in een persbericht. “Dat is meer dan een huishouden gemiddeld verbruikt.”

Ook biedt het systeem een oplossing voor gebouwen die vanwege een schoorsteen, dakkapellen en dakramen te weinig ruimte hebben voor zonnepanelen.

Zonne-energie

Inmiddels zijn de aanvragen voor de zonnedakpan van Zep toegenomen. De Graaf: “Hier zitten veel mensen op te wachten. Ook mensen die zonnepanelen op hun dak lelijk vinden. De zonnepan combineert het uiterlijk van een dakpan met de voordelen van een zonnepaneel. Dit is de zonne-energie van de toekomst.”

Op 7 oktober wordt de zonnedakpan officieel gepresenteerd. Voor de zonnedakpan is het bedrijf geselecteerd als een van de finalisten van De Blauwe Tulp Innovation Awards.

Bron: Zep | Foto: Hoofdafbeelding: Elias Gayles via Flickr, Creative Commons,

. . . . . . . . . . . . .

~~OOOOOOOOOOOOOO~~

 . . . . . . . . . . . . .